Ik ben oké, maar die wereld! Het is echt verschrikkelijk!Ik leef zoals God bedoeld heeft maar als ik om me heen kijk…! Waarom verandert de wereld niet met mij mee? Ben ik nu echt de enige – met hooguit nog een aantal dat op één hand te tellen is – die goed bezig is?Ja, ik […]

De sterfdag van de dwaas

Ik ben oké, maar die wereld! Het is echt verschrikkelijk!Ik leef zoals God bedoeld heeft maar als ik om me heen kijk…! Waarom verandert de wereld niet met mij mee? Ben ik nu echt de enige – met hooguit nog een aantal dat op één hand te tellen is – die goed bezig is?Ja, ik zeg je: ik eet al jaren geen vlees, ik scheid afval, ik heb zonnepanelen, ik drink en rook niet, ik sport, ik mediteer, ik affirmeer, ik geef belangeloos, ik wil alleen maar het goede, ik werk aan mijn beperkingen, ik doe aan zelfreflectie, ik slik en pik alle oordelen van iedereen, ik blijf altijd vriendelijk, ik verwacht niets van mensen, ik zorg voor mijn moeder en schoonmoeder, ik geef aan goede doelen, ik collecteer, ik deel complimenten uit alsof het niets is, ik heb heb geen eigen wil meer, ik houd afstand zonder daar iets van te vinden, ik, ik, ik. Ik kan nog wel even doorgaan maar ik vind mezelf niet belangrijk dus houd het bij het aanstippen van pakweg twintig dingen die ik doe of laat om de mensheid te redden en zelf goed te leven. Ja, ik doe zo mijn best om die wereld…
Er is genoeg te doen maar ik heb maar twee handen, en één dag per dag.
Ja, ik wil haar verbeteren maar zie maar eens voet aan de grond te krijgen!
Ja, zo eenvoudig is dat niet. De wereld is vol angst en geweld. Je hoeft de tv maar aan te zetten of…
Nee, op af en toe een goede docu die écht ergens over gaat, kijk ik geen tv meer. Al jaren niet. Het is slecht voor mijn zengevoel. En ja, dat ben ik: zen. Dit is de afkorting van: zitten en nietsdoen.
Soms word ik moedeloos. En dan denk ik: ik wacht op de dag dat ik niet meer wakker word. Wat lijkt dat me heelijk! Ja, je moest eens weten hoe zwaar het is om als gevoelige wakkere rond te lopen in deze verderfelijke wereld. Niet te doen. Gewoon niet te doen.
Maar dat het ook echt veel gevraagd is om daar verandering in aan te brengen, begint zachtjes aan tot me door te dringen. Ik ben niet bij machte, zeker niet als ik het alleen moet doen. Ik kan het niet alleen. Misschien heb ik God toch nodig?
Ja, help me alstublieft om de wereld niet langer te willen veranderen. Noch er wat dan ook mee te doen. Want dat is zo vermoeiend.
Help me te stoppen de wereld te beschuldigen van mijn eigen kwaad. Van mijn eigen veranderingsdwang. Help me deze waanzinnige looping te gaan doorzien.
En vergeef me! Vergeef me alstublieft! Ik vermoed dat ik stekeblind was.
Help me zien, God, alstublieft. Ik ben mijn zelfbedrog moe.
Ik vermoed dat ik niet ben wat ik dacht dat ik was. Ik ben mijn zelfbeelden moe.
Ik vermoed dat ik me gruwelijk heb vergist. Ik ben mijn vergissingen moe.
Ik vermoed dat ik Uw ogen nodig heb. Ik ben mijn eigen blik moe.
Ik vermoed dat ik niets weet en daardoor alles verkeerd zag. Ik ben mijn betweterigheid moe.
Ik vermoed dat overgave het enige is. Ik ben mijn controledrang moe.
Ik vermoed dat al mijn verwoede pogingen hebben geleid tot niets. Ik ben het vechten en moeite doen moe.
Ik vermoed dat U heeft gewacht tot ik zover was U toe te laten. Ik ben het uitstellen moe.
U liet mij vrij. Ik maakte alle dwang, niet U. Ik ben mijn geveinsde onvrijheid moe.
Al het land dat ik maakte, was dwingeland. Het was geen land maar drijfzand.
Op drijfzand bouw je geen huis. Laat staan dat het Koninkrijk der Hemelen daarop zou kunnen staan. Ik ben een dwaas.
Wilt U mij helen? En mag ik bij U wonen, hier en nu en voor altijd?
U bent de wereld. U bent het leven. De wereld die ik had gemaakt was de dood, een hel van een dwaas die eerst dacht dat hij zijn zelfgemaakte hel naar buiten kon projecteren om er zo vanaf te komen en later dacht dat hij zelf zijn hel moest omtoveren tot hemel alsof hij een magiër was.
De dwaas in mij was ziek in zijn hoofd. Hij dacht dat de wereld ziek was omdat hij de wereld met zijn zieke blik bezag. En dacht dat verandering buiten hem nodig was.
Hij was een dwaas omdat hij niet zag dat zijn wereld niets anders was dan een product van zijn eigen dwaasheid, en dat hijzelf, en niét zijn projecties genezing behoefden.
Hij zag ook niet dat dwaasheid nooit in genezing veranderen kan.
Hij hield zich vast aan het onmogelijke. Hij dacht dat zijn projecties veranderen het verschil kon maken.
Nu heeft hij zichzelf ontmaskerd. En is daarmee verdwenen. Opgegaan tot stof in de wind.