Kerst is in mijn ogen niet slechts een verhaal dat zich in de geschiedenis – in tijd en ruimte – heeft afgespeeld en jaarlijks opnieuw in onze herinnering wordt gebracht door het te vieren, maar het is een verhaal dat grote symboliek in zich draagt. Voor mij is het een vertelling over de weg van…

Midden in de winternacht

Kerst is in mijn ogen niet slechts een verhaal dat zich in de geschiedenis – in tijd en ruimte – heeft afgespeeld en jaarlijks opnieuw in onze herinnering wordt gebracht door het te vieren, maar het is een verhaal dat grote symboliek in zich draagt.
Voor mij is het een vertelling over de weg van onze ziel naar God; een verhaal dat symbool staat voor wat zich in onszelf afspeelt, en hier en nu gebeuren kan als we ons openstellen om het te laten gebeuren.
Stel je voor dat de geboorte van Jezus in een kribbe in een stal tussen het hooi en de dieren, staat voor de geestelijke geboorte van het Licht in onszelf; het Licht dat de Christus(energie) genoemd kan worden.
Kerst weerspiegelt dan het verhaal van thuiskomen, thuiskomen bij je ware Zelf. Het is de hereniging van de persoonlijke ziel met de universele Geest van God; de bevruchting van de aarde met de hemel die leidt tot de geboorte van Christus. ‘Midden in de winternacht, ging de hemel open.’
Hemel en aarde, Geest en ziel, worden één omdat ze elkaar zien en vinden. Door deze eenwording komt een enorme krachtige Christusenergie vrij in de mens die alle duisternis ogenblikkelijk verdrijft en teniet doet.
Deze geboorte is niet iets van meer dan tweeduizend jaar geleden ergens in Bethlehem, het is van hier en nu. En van ieder moment.
Het is het eeuwige Licht dat zich in de tijd werpt als een goddelijke schepping.
Dit Licht is in ieder mens aanwezig en hoeft alleen ontstoken te worden door de erkenning en de beweging die je als ziel maakt naar God.
Je wordt ertoe bewogen door je verlangen, want de ziel verlangt naar eenwording met haar Bron. Dit zou je heimwee van de ziel naar haar ware thuis of bestemming kunnen noemen.
Het ego probeert dit verlangen te verhinderen en te ontkennen omdat hij zelf een bestaan wil, onafhankelijk van God. Hij wil eigenlijk zelf God zijn. Hij wil een onafhankelijk individu zijn dat zijn eigen leven en zijn eigen persoonlijkheid en lichaam kan vormen en bepalen. Hij wil scheppen, los van God. Dit is onmogelijk, althans, hij kan slechts een droom creëren, maar nooit realiteit.
De realiteit behoort God toe en je kunt haar alleen worden door samensmelting met God. En dit laatste is het verlangen van de ziel, al zal het ego dit ontkennen waardoor dit verlangen naar het onbewuste wordt ‘verplaatst’.
Door de innerlijke tegenstrijdigheid, het verlangen naar ‘ik zijn’ enerzijds, – dat een egowens is die heel sterk kan lijken – en het verlangen naar huis anderzijds, is de mens (bewust, dan wel onbewust) voortdurend in conflict. De tweestrijd kan alleen oplossen doordat de kracht van de ziel door het ego heen breekt, oftewel: het verlangen van de ziel naar huis groter wordt dan de angst waarmee het ego behept is; angst als prijs voor zijn verlangen naar onafhankelijkheid en zijn idee het zonder God te kunnen stellen.
Als je jouw innerlijk Licht erkent en geheel toelaat door God te erkennen en je over te geven, zal dit Licht jou transformeren en één maken met het ene Lichtwezen.
Het Kerstfeest is voor mij de heilige uitnodiging van God. God heeft Jezus ‘gezonden’ als na te volgen voorbeeld voor mensen.
Kerst is de viering van de geboorte van de nieuwe mens die erkent dat hij één is, in plaats van een afgescheiden individu dat eenzaam en alleen in zoiets als een lichaam en een wereld staat en daarin zijn best moet doen om te overleven, en hard moet werken om in harmonie te komen met zichzelf, met andere individuen, en met dat wat hij de omgeving, uiterlijke omstandigheden en situaties noemt.
Laten we uit deze nare droom ontwaken en het Licht toelaten en omarmen door de weg van onze ziel te volgen die naar huis verlangt en die nu haar thuis vinden kan omdat het Licht al in onze ziel huist en nooit weg is geweest.
De hemel nodigt jou op aarde uit. Nu.
Je hoeft niet meer te wachten. Niet op de dood, niet op verlossing.
Nu word je geboren. Midden in de winternacht. Als kind van God.

Jezus zei: ‘Zie niet naar het vlees, dit is geen koning. Zie naar de Christus van binnen, die in ieder van u gevormd kan worden, zoals hij in mij gevormd is.’ (Uit: Het Aquarius Evangelie van Jezus de Christus, p.126; 13)